ik zeg niets.Waanzinnige verhalen, humor en onderbroekenlolEen eigen kijk.
Een flinke knipoog.

Een kunstgebit is helemaal niet ideaal hoor!

Personage: Ome Toon · 2 min leestijd

kunstgebit - ikzegniets.nl

Een afgebrand dorp noemde ze het

Jaan kon zich altijd opwinden over mijn tanden. Ik was bang om naar de tandarts te gaan, vreselijk bang. Ik heb alles laten wegrotten. Een afgebrand dorp noemde ze het en de voortanden noemde ze droppies. Ik dorst niet eens meer te lachen, joh. Nee, dat was geen beste tijd. Een koud biertje of een heet bakkie thee was aan mij niet besteed.

Een grote walrussnor laten groeien

Als oplossing heb ik toen een grote walrussnor laten groeien. Die was zo groot dat hij mijn mond volledig bedekte. Eigenlijk was dat ook niet ideaal, want ja, hij bedekte dan wel je mond, maar aan de andere kant bleef er van alles in hangen, van snot tot etensresten. Iedereen vond dat mijn snor stonk, maar daar had ik zelf geen last van. Als je zelf de hele dag met je neus erboven zit, ruik je dat op een zeker moment niet meer. Maar Jaan, die rook het wel. Ze probeerde van alles om me naar de tandarts te krijgen, tot zes weken geen seks toe.

Pijn had ik toch al, vonden ze

Ik ben uiteindelijk bij de tandarts terechtgekomen toen ik van de steiger was gevallen. Gebroken poot, gekneusde ribben. Nee, dat was niet best.

Mijn dochter en schoonzoon waren bij ons en die hebben me toen gelijk bij de tandarts gebracht. Pijn had ik toch al, vonden ze. Nou, die begon met trekken, maar hij moest al gauw gaan snijden. Aan alle kiezen zaten weerhaken. Halverwege kwam hij erachter dat hij het niet kon en toen heeft hij me met een half uitgesneden kies naar de kaakchirurg gestuurd. Lekker was dat.

Rammelaars waren het geworden

Weer weken met een zere bek gelopen natuurlijk, maar uiteindelijk was ik best wel blij dat ze eruit waren. Had ik veel eerder moeten laten doen. Droppies waren ook niet alles. Tongen deden we allang niet meer. Ook niet toen ik later een kunstgebit kreeg, want dat voelde ook niet fijn aan, vond ze. Maar een kunstgebit is helemaal niet ideaal hoor. Na verloop van tijd paste het van geen kant meer. Ze begonnen te klapperen. Rammelaars waren het geworden. Bij het minste of geringste vielen ze uit je mond. Dat vond ik niks. Dan kon je ze oprapen en maar hopen dat niemand dat had gezien.

Gewoon in mijn zak

Tegenwoordig gebruik ik ze bijna niet meer. Maar ik heb ze wel altijd bij me. Gewoon in mijn zak. Soms is het netter als je je kunstgebit in hebt. Niet bij een verjaardag of zo, want dat duurt me te lang. Maar laatst ben ik nog wezen condoleren. Dan doe ik het wel even in bij het handen schudden.

← Alle verhalen

Meer van Ome Toon